Werken aan je pantser Als kind heb je bepaalde kwetsingen en emoties misschien niet kunnen uiten. Deze emoties zijn zich in de loop van de tijd gaan vastzetten in je spieren, pezen, huid of organen. Bijvoorbeeld woede verzamelt zich vaak in de benen, ´altijd moeten´ in de schouders, bij imponeergedrag zetten we onze borst op, angst slaat op de keel, verdriet zit bijvoorbeeld in de ogen of schaamte in het bekken. Zij vormen bij elkaar ons lichaamspantser. Hierdoor is de vrije stroom van energie in het lichaam geblokkeerd geraakt. Dat merk je bijvoorbeeld wanneer bepaalde lichaamsdelen vaak koud aanvoelen, zoals koude voeten (‘hier niet willen zijn’).

Werken aan je pantser door lichaamswerk: voorzichtig gaan we het pantser wat losser maken met adem om ruimte te maken voor je energie om meer te kunnen bewegen. Zo ontdek je waar je energie in je lichaam vaak vastzit en hoe het voelt om je emoties te gaan uiten en je energie weer meer te laten stromen.